Friday, January 30, 2009

dag 4: donderdag 29 januari






Het hotel is gelegen op een militaire basis. Ook al zou je wakker worden in de hotelkamer zonder te weten hoe je er gekomen bent, zou je weten dat je op een militaire basis beland bent. Er staan 4 eenpersoons bedden op de kamer, netjes naast elkaar. Strak opgemaakt met een blauwe sprei en een klein kussentje. De douche heeft twee kranen: een voor het koude water, en een voor het…koude water. Juist, zoals het een goede militair betaamd, wordt er gedouched met koud water. Op zich na een dagje strand bij dertig graden geen straf, maar als je ’s ochtends even lekker rustig onder de douche wakker denkt te worden, heb je het mis. De verlichting op de kamer is van het sfeertype TL en voor de rest staan er twee oude stoelen en een koelkast.

De andere kant van het verhaal is dat dit bedoeld is voor militairen om te overnachten en daardoor bijna niks kost. Ik geloof dat we ongeveer €8 per persoon betalen om 3 nachten te slapen.

Het betreden en verlaten van de basis blijft een spannende onderneming. Soms willen ze een naam weten, soms mag je doorrijden. Soms mag je maar met twee personen in een auto en moet de rest uitstappen. Iedereen, behalve de bestuurder en bijrijder, stappen in dat geval uit en lopen achter de auto onder de slagboom door, om vervolgens na de slagboom weer in te stappen en verder rijden. Soms willen ze de tas controleren en soms moet je door een metaaldetector. De poortjes gaan open door middel van een pasje dat van hand tot hand wordt doorgegeven vanaf de eerste tot de laatste in de rij. De laatste geeft dit vervolgens aan de militair die de wacht houdt, en zo is ook de toegangspoort een behoorlijk nutteloze hindernis geworden.

Direct bij de ingang staat een poortje, zoals op het vliegveld, waar je onderdoor moet lopen. Rood of groen, geluid of geen geluid, maakt allemaal niet uit. Gewoon doorlopen, en dat is de manier om binnen of buiten te komen.

Vandaag bestond het verlaten van de basis uit het “uitstappen voor de poort en instappen na de poort”- veiligheidsprotocol. De militairen nemen zichzelf gelukkig wel heel serieus, dus we proberen onze lach in te houden totdat we weer veilig allemaal in de auto zitten. Misschien ook wel verstandig omdat zij degenen zijn met de uzi’s om de schouder.

In de ochtend hebben we 2 musea bezocht (jahaahahaa) in het oude centrum van Cartagena. De eerste was het museum van de Inquisitie, waarin haarfijn werd uitgelegd hoe de slaven, oorspronkelijke bewoners of eigenlijk alles wat niet katholiek was, vriendelijk doch dringend werd verzocht dit te worden. Hiervoor werden werktuigen gebruikt die mijn misselijkheid van de afgelopen dagen weer een beetje terugbrachten. Van pinnen die door een nek werden gedraaid (ja gedraaid ja) tot aan soort van 23-rings perforatoren die de vingers wel even zouden ontdoen van nagels en/of het bovenste vingertopje. Daarnaast werden natuurlijk de aloude guillotine of het hakblok voor het verwijderen van een of meerdere ledematen niet over het hoofd gezien. Een behoorlijk zieke bedoeling voor een instantie die vrede en liefde zegt te verspreiden…

Het tweede museum was gelukkig een stuk vreedzamer. Althans qua details… Het maritieme museum laat zien hoe verschillende verdedigingswerken rond Cartagena werden gebouwd, compleet met onderwater muren en strategisch geplaatste kanonbataljons. Grappig detail is dat het slechts één piraat gelukt is om ooit de haven van Cartagena te veroveren, maar toen hij eenmaal binnenwas snel weer rechtsomkeer moest maken, omdat in 2 maanden 9000 van zijn piratenvrienden aan de tropische ziekten bezweken. Die werden overigens gewoon overboord gekieperd in de haven, dus dat zal na een paar weken een vrolijk gezicht geweest zijn.

Onderweg terug naar de parkeerplaats komen we langs twee traditioneel geklede Afrikaanse vrouwen die vers fruit snijden. Ellen pakt het geniale idee op om hiervan een foto te maken, leuk, met Bas in het midden. Voor ik het weet sta ik dus met in m’n ene oor een ananas en in m’n andere oor een courgette tussen twee vrouwtjes met een fruitschaal op hun hoofd. Overigens wordt ons na de foto ook wel vriendelijk verzocht iets van de handelswaar af te nemen, want voor niets gaat tenslotte alleen de zon op.




Na deze enorme cultuurboost, was het tijd voor iets anders. Beetje relaxen op het strand, boekje lezen en een pilsje drinken onder een rieten dakje in een strandstoel. Ik was goed voorbereid met m’n factor 50 zonnebrand, maar deze complete sunblock zorgt ervoor dat ik nog erg goed te onderscheiden ben van de lokale bevolking… Dat moeten we morgen toch anders aanpakken…

’s Avonds pakken we een taxi naar een terras dat schitterend uitzicht geeft over de haven. Een uitzicht dat alleen maar mooier wordt, naarmate de lege flessen rum op tafel ook toenemen. Daarna de Colombianen hier nog even een cursusje salsa dansen gegeven en de volgende ochtend naar huis gestrompeld voor een paar uurtjes bezinning. Weltrusten…

dag 3: woensdag 28 januari

Dag 3: woensdag 28 januari
’s Ochtends om 6 uur zijn we bijna op de helft. Volgens het schema zouden we ’s middags rond 2 uur in Cartagena aan moeten komen. Met tegenzin werk ik een broodje naar binnen, wat nog steeds voor de nodige misselijkheid zorgt, maar ja, na een dag niet eten krijg je toch honger…

Op de achterbank krijg ik niet alles meer mee van de reis. Wat wel opvalt is dat het steeds warmer wordt. Bij elke stop zijn er wel weer een paar graden bij op de thermometer en tegen de tijd dat we bijna in Cartagena zijn, is het een graadje of dertig. Zonnetje, geen wolkje aan de lucht, kortom: ideaal vakantieweer.

Het hotel voor de komende dagen ligt op een legerbasis. Voor (oud-)militairen en gasten hebben ze op de basis een “hotel” waar wij twee kamers hebben geboekt. De vader van Hector is officier geweest, vandaar dat wij in aanmerking komen om hier (erg goedkoop) een kamer te huren.

Voor de militairen aan de poort is het duidelijk geen alledaagse gebeurtenis dat mensen zonder uniform van het hotel gebruik willen maken. Moeten ze nou uit de auto? Moeten we gegevens opschrijven? Of zullen we ze gewoon doorlaten… Nou ja, om het dan nog maar een beetje smoel te geven, moeten we aan de kant van de weg stoppen en komt er een man met een bruin pak (is denk ik een officier) en een boek onze kant op. De achterklep moet open. Ik snap niet dat hij zijn lach heeft kunnen inhouden, want die puilde dus uit van weekendtassen, eten, strandhanddoeken en zonnebrand… Juist, en dat wil toegang tot een militaire basis.

Het merk en serienummer van de laptop en digitale camera worden opgeschreven in het grote boek van de militairen. Verder wordt er niks gecontroleerd en mogen we doorrijden. Of te wel: een totaal nutteloze actie, maar ja, ze moeten toch iets.

’s Avonds gaan we een kijkje nemen op een soort country club voor militairen. Ook hier moet de achterklep open om te controleren op bommen. Iets wat hier overigens redelijk gebruikelijk is, en bijvoorbeeld ook gebeurd bij de ingang van een parkeergarage.

dag 2: dinsdag 27 januari


Een misselijke dag. Vreemd genoeg ben ik vandaag erg misselijk. Het vreemde is dat dit alleen gebeurt als ik probeer te eten. Niks aan het handje, zolang ik niet eet, maar ja, op een gegeven moment krijg je honger…

Ontbijt is licht in Colombia, dus dat ging me nog aardig af, maar de lunch, o oh, dat ik de complete maaltijd, zoals wij die ’s avonds eten. Bij ongeveer de derde hap voel ik het eten zich een weg terug zoeken, dus toen heb ik ook maar besloten niet verder te eten. Leek me wel zo verstandig voor de rest van het gezelschap, namelijk: de hele familie!!

Ik dacht eerst dat het kwam omdat ik het ’s middags dineren niet gewend was, maar toen ik ’s avonds de rest van het bord leeg probeerde te eten, gebeurde hetzelfde. Conclusie: erg weinig gegeten vandaag.

’s Avonds werd de familie Sampedro compleet gemaakt met Vicky, Lili en de bijbehorende kinderen, waaronder mijn grote kleine vriend Emilio. Ik geloof dat de cadeautjes uit Nederland wel goed in de smaak vallen. Dat is maar goed ook, want de sloffen die ik voor Emilio heb meegebracht zijn ongeveer 5 maten te groot, kan hij dus nog wel even mee vooruit!

Het plan is om ’s nachts te vertrekken richting Cartagena. Nadat het bezoek is vertrokken, snel de spullen inpakken en alvast in de auto laden. Bij het dichtduwen van de kofferbak, die inmiddels lichtelijk bol staat, krijgt Nathalia de ingeving om niet ’s nachts te vertrekken, maar direct! Of te wel: elf uur ’s avonds. Na nog 14 keer de bolstaande kofferbak open en dicht gemaakt te hebben, stappen we allemaal in om te vertrekken naar Cartagena.

Cartagena ligt in het noordoosten van Colombia op ongeveer 14 uur rijden van Bogota. De snelweg er naartoe is niet bepaald een A2, maar meer een kronkelige bergroute. Als er een bord staat dat er stenen van de berg kunnen vallen, is dat geen loze waarschuwing zoals bijvoorbeeld in Oostenrijk of Zwitserland, waar deze helling dan met een net wordt ingepakt. Als hier een bord staat dat er stenen vallen, dan vallen er ook stenen. Geen gevalletjes sterretje in je voorruit, maar meer een situatie: voorruit volledig verdwenen!

De eerste uren van de reis regent het verschrikkelijk. Dat wil zeggen dat de straten blank staan en de gaten in de weg (voor meer informatie over “gaten in de weg” zie verslag dag 1) worden gevuld met water. Ik probeer wakker te blijven, maar dat begint ’s ochtends om een uur of 6 toch moeilijk te worden. Gelukkig wordt er dan ook van bestuurder gewisseld, Hector rijdt nu en heeft Ellen als navigator. Nu begint het ook licht te worden, dus een goed moment om met een nieuwe dag te beginnen.

Tuesday, January 27, 2009

dag 1: maandag 26 januari

Nou daar zit ik dan… Op m’n bedje op de slaapkamer die ze hier al maanden de “slaapkamer van Bas” schijnen te noemen. Precies 24 uur heeft het geduurd, van deur tot deur, of eerlijk gezegd: van bed tot bed. Half zes gisteren ochtend in Nederland vertrokken en om half 12, lokale tijd voelde ik het kussen van het Bas-slaapkamerbed… Ik geloof niet dat het 5 over half 12 is geworden…

De vlucht vanuit Amsterdam naar NY ging eigenlijk verrassend goed. Ik had 2 stoelen voor mij alleen, dus eindelijk genoeg ruimte om m’n benen kwijt te kunnen. Helaas nog wel last gehad van een jongetje precies achter mij dat net een nieuw woordje had geleed, althans dat denk ik want dat heeftie de hele vlucht (8 uur) achter elkaar lopen opzeggen.

In NY even de benen strekken en 3 uur later klaar voor deel 2 van de vlucht. De security toestanden in NY vielen erg mee. Geen lange rijen of chagrijnige douanebeambten maar zelfs een bagagemedewerker die iedereen de weg wees, en daarbij alle vertrektijden, vluchtnummers en de juiste gate, uit z’n hoofd kende! Hij vertelde iedereen waar z’n bagage achter te laten en hoe laat er bij welke gate geboard moest worden…uit z’n hoofd!

Deel twee van de reis verliep helaas iets minder comfortabel. Ze hadden in dit vliegtuig de stoelen nog net iets dichter bij elkaar gezet dan het vorige toestel, zodat ik meteen klemvst met m’n knieën tegen de stoel van degene voor me zat. Ik had geen gordel meer nodig, kon nergens naartoe. Sterker nog, daar zat ik op, dus daar kon ik ook niet meer bij… 6 uur later heb ik mij, misselijk van het vliegtuig voedsel ontvouwen uit deze benarde positie en het avontuur met de Colombiaanse grenswacht aangegaan. Mannen in groene pakken die allemaal erg streng kijken, en voor het geval ze tegen me zouden gaan praten, ik geen idee zouden hebben wat ze van me wilden. De koffers zaten vol met etenswaren, snoep en led-verlichting, allemaal zaken die je, volgens het briefje dat we in moesten vullen in het vliegtuig, bij de douane moesten aangeven. Ze zijn hier namelijk nogal streng op het invoeren van spullen, eerlijk gezegd denk ik omdat ze er op die manier peso’s uit kunnen halen…

Maar alle mannen in groene pakken lieten me met rust en ook de douanier stelde geen moeilijke vragen. Sterker nog: die zei helemaal niks. Ik gaf hem mijn paspoort en het briefje dat ik in het vliegtuig had ingevuld. Het briefje kreeg ik overigens meteen weer terug, wat betekende dat ik dus ergens nog een hindernis moest nemen, en na een lompe stempel in mijn paspoort mocht ik doorlopen.

En daar had ik het witte briefje dus weer nodig. 1 vliegveld, met daarop 1 poortje en daarachter 1 vrouwtje met een rode en een groende knop. Achter het poortje een groepje verveelde, groene pakkenmannen die pas in actie hoefde te komen als het vrouwtje achter het poortje op de rode knop duwde. Dat betekende dat je iets bij had dat aangegeven moest worden of zo, in ieder geval reden voor de groene pakken om je koffers open te maken. Bij mij vroeg ze alleen of ik $10.000 bij had. Ik lachte een keer en toen mocht ik door… Ik geloof dat zij er de humor ook wel van inzag…

Ik werd opgewacht door Ellen, Hector en Nathalia en na een half uurtje door de stad “cruisen”, aangekomen bij het huis van de ouders van Hector. Wel apart dat, ook al woon je hier in een degelijke wijk, er nog steeds onverwacht een gat van ongeveer 30cm diep in de weg kan opduiken. Ik geloof dat Hector de weg inmiddels aardig kent, want hij stuurt er soepel omheen, maar de prioriteiten qua infrastructuur liggen hier zeg maar iets anders dan bij ons…

Ik was natuurlijk veel te vroeg wakker vanochtend. Ook al had ik beloofd ook uit te slapen. Op dit moment houden alleen Hector en Ellen zich daaraan. Maar goed, biedt mij even de mogelijkheid om met uitzicht over de “Bergen van Bogota”, dag 1 van het reisverslag te typen.